capaciteit
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: capaciteit (hulp, bestand)
Woordafbreking
- ca·pa·ci·teit
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | capaciteit | capaciteiten |
| verkleinwoord | capaciteitje | capaciteitjes |
Zelfstandig naamwoord
capaciteit v
- vermogen, kracht om een bepaalde prestatie te leveren, bevattingsvermogen
- bekwaamheid, geschiktheid
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen
1. bevattingsvermogen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.