bemoedigen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- be·moe·di·gen
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| bemoedigen |
bemoedigde |
bemoedigd |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
bemoedigen
- (overgankelijk) iemand een positievere kijk op de kansen geven
- De gebeurtenissen in Tunesië bemoedigden de Egyptenaren om ook de straat op te gaan.