badminton
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- bad·min·ton
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | badminton | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
badminton o
- (sport) een sport waarbij een shuttle met behulp van een racket over een net geslagen moet worden.
- Ik train iedere zaterdag voor badminton.
Vertalingen
1. (sport) een sport waarbij een shuttle met behulp van een racket over een net geslagen moet worden