backbencher
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- back·ben·cher
Woordherkomst en -opbouw
- Leenwoord uit het Engels.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | backbencher | backbenchers |
| verkleinwoord | backbenchertje | backbenchertjes |
Zelfstandig naamwoord
backbencher m
- een parlementslid zonder bijzondere verantwoordelijkheden
- We kiezen de eerste politicus, al is het maar een backbencher.
Hyperoniemen
Antoniemen
Vertalingen
1. een parlementslid zonder bijzondere verantwoordelijkheden
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.