aftrap
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- af·trap
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | aftrap | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
aftrap m
- (sport) de eerste trap vanuit de middencirkel bij het begin van speeltijd van een voetbalwedstrijd
- Nederland nam de aftrap.
Vertalingen
1. de eerste trap vanuit de middencirkel bij het begin van speeltijd van een voetbalwedstrijd
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.