accepteren
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: accepteren (hulp, bestand)
- IPA: /ɑksɛp'terə/
Woordafbreking
- ac·cep·te·ren
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| accepteren |
accepteerde |
geaccepteerd |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
accepteren
- (overgankelijk) aanvaarden.
- Ik zal dat dan voor één keer accepteren...
- (overgankelijk) aannemen, graag ontvangen.
- Vanzelfsprekend accepteren wij deze donatie graag.
Vertalingen
1. aanvaarden
2. aannemen, graag ontvangen