aannemelijk
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: aannemelijk (hulp, bestand)
- IPA : /a'nemələk/
Woordafbreking
- aan·ne·me·lijk
Woordherkomst en -opbouw
- Naamwoord van handeling van aannemen met het achtervoegsel -lijk
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | aannemelijk | aannemelijker | aannemelijkst |
| verbogen | aannemelijke | aannemelijkere | aannemelijkste |
| partitief | aannemelijks | aannemelijkers | - |
Bijvoeglijk naamwoord
aannemelijk
- om aan te nemen