zwavelarm

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zwa·vel·arm
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen zwavelarm zwavelarmer zwavelarmst
verbogen zwavelarme zwavelarmere zwavelarmste
partitief zwavelarms zwavelarmers -

Bijvoeglijk naamwoord

zwavelarm

  1. een laag gehalte aan zwavel bevattend
Vertalingen

Gangbaarheid

88 % van de Nederlanders;
89 % van de Vlamingen.