zorgnummer

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zorg·num·mer
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zorgnummer zorgnummers
verkleinwoord zorgnummertje zorgnummertjes

Zelfstandig naamwoord

zorgnummer o

  1. een uniek nummer van een patiënt, dat toegang geeft tot zijn elektronisch patiëntendossier.

Gangbaarheid