zapcultuur

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zap·cul·tuur
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zapcultuur zapculturen
verkleinwoord zapcultuurtje zapcultuurtjes

Zelfstandig naamwoord

zapcultuur v

  1. een cultuur waar het gebruikelijk is steeds weer te wisselen van item waar de aandacht op wordt gelegd.
    • We leven in een zapcultuur. 

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.