yank

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • yank
enkelvoud meervoud
naamwoord yank yanks
verkleinwoord yankje yankjes

Zelfstandig naamwoord

yank m

  1. een Amerikaan uit het noordelijke deel van de Verenigde Staten
    • De yank ging het restaurant binnen. 
Vertalingen

Gangbaarheid

59 % van de Nederlanders;
48 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be


Engels

enkelvoud meervoud
yank yanks

Zelfstandig naamwoord

yank

  1. yank