wordt

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wordt

Werkwoord

vervoeging van
worden

wordt

  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van worden
    • Jij wordt. 
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van worden
    • Hij wordt. 
  3. (verouderd) gebiedende wijs meervoud van worden
    • Wordt!