weloverwogen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wel·over·wo·gen
Woordherkomst en -opbouw
stellend
onverbogen weloverwogen
verbogen
partitief weloverwogens

Bijvoeglijk naamwoord

weloverwogen

  1. van iets: waar goed over is nagedacht, waar de voors en tegens tegen elkaar zijn afgewogen
    Na rijp beraad maakte de vrouw een weloverwogen besluit om toch maar bij haar man te blijven.