weerprofeet

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • weer·pro·feet
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord weerprofeet weerprofeten
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

weerprofeet m [2]

  1. (meteorologie) iemand die het weer tracht te voorspellen zonder hiervoor een computer te gebruiken of naar het KNMI te luisteren


Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandse taal