vinoloog

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • vi·no·loog
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van 'vinum', het Latijnse woord voor wijn met het achtervoegsel -loog
enkelvoud meervoud
naamwoord vinoloog vinologen
verkleinwoord vinoloogje vinoloogjes

Zelfstandig naamwoord

vinoloog m

  1. (beroep) iemand met veel kennis van wijn.
Synoniemen
Verwante begrippen

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders;
80 % van de Vlamingen.

Meer informatie