verwijten

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·wij·ten
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
verwijten
verweet
verweten
klasse 1 volledig

Werkwoord

verwijten

  1. ditransitief verantwoordelijk gesteld worden voor een gemaakte fout
    • Hem werd grote arrogantie verweten. 

Zelfstandig naamwoord

verwijten mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord verwijt

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl