uitzendbaan

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • uit·zend·baan
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord uitzendbaan uitzendbanen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

uitzendbaan v/m

  1. (economie) tijdelijk arbeidscontract via een uitzendbureau
     Minister Asscher presenteerde in 2013 een actieplan om in twee jaar tijd 22.500 werkloze 55-plussers aan een uitzendbaan te helpen. Die doelstelling is bij lange na niet gehaald.[1]
     Werklozen die een uitkering aanvragen moeten binnenkort ook uitzendbanen accepteren. Wie een passende uitzendbaan weigert, kan zijn uitkering verliezen. Dat hebben uitkeringsinstantie UWV en de vereniging van uitzendbureaus afgesproken.[2]

Gangbaarheid


Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 17 november 2022 Weblink bron “'Dikke onvoldoende voor aanpak van Asscher'” (Dinsdag 6 oktober 2015, 14:20), NOS
  2. Bronlink geraadpleegd op 17 november 2022 Weblink bron “Werkloze moet uitzendbaan aannemen” (Donderdag 5 augustus 2010, 11:56), NOS