trincar

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Spaans

stamtijd
infinitief verleden
tijd
voltooid
deelwoord
trincar
trincaba
trincado
volledig

Werkwoord

trincar

  1. vastbinden, sjorren
  2. vasthouden, arresteren, aanhouden
  1. zuipen