toepasselijk
Uiterlijk
- Geluid: toepasselijk (hulp, bestand)
- IPA: / tuˈpɑsələk / (4 lettergrepen)
- toe·pas·se·lijk
- Naamwoord van handeling van toepassen met het achtervoegsel -lijk met het invoegsel -e-
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | toepasselijk | toepasselijker | toepasselijkst |
| verbogen | toepasselijke | toepasselijkere | toepasselijkste |
| partitief | toepasselijks | toepasselijkers | - |
toepasselijk
- dat wat er goed bij hoort of op van toepassing is
- Hij weet altijd wel enige toepasselijke woorden te vinden.
- ▸ Ze heette heel toepasselijk Jetfighter en alle standaardvragen passeerden de revue: ‘waar kom je vandaan’, ‘wanneer ben je begonnen?’ en ‘hoeveel liter neem je mee?’.[1]
- Het woord toepasselijk staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "toepasselijk" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
| 100 % | van de Vlamingen.[2] |
- ↑ Tim Voors“Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers

- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 12
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -lijk in het Nederlands
- Invoegsel -e- in het Nederlands
- Bijvoeglijk naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 100 %
- Prevalentie Vlaanderen 100 %