tenir
Uiterlijk
- IPA: /təˈni/, /teˈni/
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| tegenw. tijd |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| tinc | tenia | tingut |
| 3e vervoeging | volledig | onregelmatig |
tenir
- hebben, bezitten
- «Té les mans grans.»
- Hij heeft grote handen.
- «Té les mans grans.»
- vasthouden
Als hulpwerkwoord voor het vormen van de voltooide tijd wordt haver gebruikt.
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| infinitief | verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| tenir |
tenais |
tenu |
| derde groep | volledig | |
tenir
- overgankelijk vasthouden
- wederkerend zich gedragen
- «Tiens-toi bien.»
- Gedraag je.
- «Tiens-toi bien.»
- wederkerend blijven
Categorieën:
- Woorden in het Catalaans
- Woorden in het Catalaans met IPA-weergave
- Werkwoord in het Catalaans
- Werkwoord van de derde vervoeging in het Catalaans
- Onregelmatig werkwoord in het Catalaans
- Woorden in het Frans
- Woorden in het Frans van lengte 5
- Woorden in het Frans met audioweergave
- Woorden in het Frans met IPA-weergave
- Werkwoord in het Frans
- Overgankelijk werkwoord in het Frans
- Wederkerend werkwoord in het Frans