samenvatten

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sa·men·vat·ten
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
samenvatten


vatte samen


samengevat


zwak -t volledig

Werkwoord

samenvatten

  1. inkorten zonder dat de belangrijkste punten verloren gaan
    Hij wist ingewikkelde problemen altijd tot de essentie samen te vatten.