ruien

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • rui·en
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
ruien
ruide
geruid
zwak -d volledig

Werkwoord

ruien

  1. (van vogels) op regelmatige tijden van veren wisselen.
    • Deze vogels hebben nog niet geruid. 
Vertalingen

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders
92 % van de Vlamingen.

Meer informatie