realiter

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • re·a·li·ter
Woordherkomst en -opbouw

Bijwoord

realiter

  1. (formeel) in werkelijkheid
    • Het gaat om hetgeen realiter gebeurd. 
Vertalingen

Gangbaarheid

45 % van de Nederlanders;
59 % van de Vlamingen.