rayon

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ra·yon
1,2. enkelvoud meervoud
naamwoord rayon rayons
verkleinwoord rayonnetje rayonnetjes
3. enkelvoud meervoud
naamwoord rayon -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

rayon

  1. o bepaald gebied waarbinnen iemand de zakelijk vertegenwoordiging van een bedrijf verzorgt
    • Hij heeft een groot rayon toegewezen gekregen. 
  2. o een bestuurlijke eenheid binnen bepaalde landen die eertijds tot de Sovjetunie behoorden
  3. m en o: een op zijde gelijkende kunstvezel

Gangbaarheid

94 % van de Nederlanders
90 % van de Vlamingen.

Meer informatie