quadrille

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • qua·dril·le
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘dans van vier paren’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1806 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord quadrille quadrilles
verkleinwoord quadrilletje quadrilletjes

Zelfstandig naamwoord

quadrille v/m

  1. een Franse contradans uit de 18e eeuw
    • Zij dansen samen de quadrille. 
Vertalingen
enkelvoud meervoud
naamwoord quadrille quadrilles
verkleinwoord quadrilletje quadrilletjes

Zelfstandig naamwoord

quadrille o

  1. een omberspel met vier spelers
    • Wij spelen op het quadrille. 
Vertalingen

Gangbaarheid

78 % van de Nederlanders;
72 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen


Engels

Zelfstandig naamwoord

quadrille

  1. quadrille (dans en spel).


Frans

Zelfstandig naamwoord

quadrille m

  1. quadrille (dans en spel).