potjesgrieks

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pot·jes·grieks
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord potjesgrieks -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

potjesgrieks o

  1. op foutieve wijze op het Oudgrieks afgeleide vormen
    • Het woord taxon en zijn meervoud taxa zijn een voorbeeld van potjesgrieks. 
Antoniemen

Gangbaarheid