plu

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • plu
enkelvoud meervoud
naamwoord plu plu's
verkleinwoord pluutje pluutjes

Zelfstandig naamwoord

plu m

  1. verkorting van paraplu
    • Hij had zijn plu vergeten terwijl het heel hard regende. 
Synoniemen
  1. paraplu

Gangbaarheid

75 % van de Nederlanders;
21 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be