parto

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Spaans

Uitspraak
Woordafbreking
  • par·to
enkelvoud meervoud
parto partos

Zelfstandig naamwoord

parto m

  1. bevalling

Verwijzingen

Werkwoord

vervoeging van
partir

parto

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van partir