opstal

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • op·stal
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘wat boven de grond gebouwd is’ voor het eerst aangetroffen in 1652 [1]
  • samenstelling van  op  en  stal  [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord opstal opstallen
verkleinwoord opstalletje opstalletjes

Zelfstandig naamwoord

opstal m

  1. een constructie of bouwwerk dat op een perceel geplaatst is.
    • Het huis, tuinhuisje en de schutting behoren alle tot de opstal. 

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders;
85 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen