onderlegger

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Tischunterlage 70er 01.JPG
Uitspraak
Woordafbreking
  • on·der·leg·ger
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord onderlegger onderleggers
verkleinwoord onderleggertje onderleggertjes

Zelfstandig naamwoord

onderlegger m

  1. meestal een plat voorwerp dat je onder een ander voorwerp legt, m.n. een onderzetter voor een pan of glas
    • Wij gebruiken op onze tafel onderleggers voor de hete pannen zodat de houten tafel niet beschadigt 
Synoniemen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl