ondergeschikt

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·der·ge·schikt
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen ondergeschikt ondergeschikter ondergeschiktst
verbogen ondergeschikte ondergeschiktere ondergeschiktste
partitief ondergeschikts ondergeschikters -

Bijvoeglijk naamwoord

ondergeschikt

  1. van minder belang, bijkomstig, bijkomend
    Dat heeft slechts een ondergeschikte betekenis.
  2. aan iemand onderworpen, van hem afhankelijk, van een lagere rang
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.