neigen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: nijgen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • nei·gen
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘buigen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 901 [1]
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
neigen
neigde
geneigd
zwak -d volledig

Werkwoord

neigen

  1. ergatief een tendens vertonen
    • Hij was geneigd daar problemen over te maken. 

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders
96 % van de Vlamingen.

Verwijzingen