monomeer
Uiterlijk
- mo·no·meer
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | monomeer | monomeren |
| verkleinwoord | monomeertje | monomeertjes |
het monomeer o
- (scheikunde) een enkelvoudige bouwsteen waaruit een polymeerketen opgebouwd is
- Niet-gereageerde monomeren kunnen nog aanwezig zijn in het polymerisatieproduct en voor toxiciteit zorgen.
- Het woord monomeer staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Voorvoegsel mono- in het Nederlands
- Achtervoegsel -meer in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Scheikunde in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal