mild

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mild
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen mild milder mildst
verbogen milde mildere mildste
partitief milds milders -

Bijvoeglijk naamwoord

mild

  1. zachtaardig, welwillend
    • Hij is een milde man. 
  2. gul.
    • Zij doet milde giften. 
  3. zacht.
    • Ik heb laatst nog milde shampoo gekocht. 
Antoniemen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.


Engels

Uitspraak
stellend vergrotend overtreffend
mild milder mildest

Bijvoeglijk naamwoord

mild

  1. zachtaardig
  2. mild