medeleven

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • me·de·le·ven
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord medeleven
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

medeleven o

  1. aandacht voor de gevoelens van een ander
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
medeleven
leefde mede
medegeleefd
zwak -d volledig

Werkwoord

medeleven

  1. het hebben van aandacht voor de gevoelens van anderen
Synoniemen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be