levensles

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • le·vens·les
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord levensles levenslessen
verkleinwoord levenslesje levenslesjes

Zelfstandig naamwoord

levensles v/m

  1. (filosofie) de belangrijke zaken die je niet op school maar in het dagelijkse leven leert
    • Dat mensen vaak wel te vertrouwen zijn is een belangrijke levensles voor de achterdochtige man. 
    • Dat mannen vaak niet te vertrouwen zijn is een belangrijke levensles voor het naïeve jonge meisje. 
Synoniemen
  1. levenservaring

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.