kuitschieten

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kuit·schie·ten
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
kuitschieten
schoot kuit
kuitgeschoten
klasse 2 volledig

Werkwoord

kuitschieten

  1. inergatief van vissen: eieren afzetten
    • Er werd kuitgeschoten tussen de waterplanten. 

Gangbaarheid

91 % van de Nederlanders;
89 % van de Vlamingen.

Meer informatie