kruisverhoor

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kruis·ver·hoor
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kruisverhoor kruisverhoren
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

kruisverhoor o [1]

  1. een ondervraging waarbij de ondervraagde vragen krijgt van verschillende ondervragers
    • De verdachte werd aan een kruisverhoor onderworpen. 
    • Tijdens de promotie werd de kandidaat onderworpen aan een kruisverhoor. 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen