krachtmeting

Uit WikiWoordenboek

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kracht·me·ting
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord krachtmeting krachtmetingen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

krachtmeting v

  1. de wedstrijd, de strijd, in de natuurkunde kan het ook heel letterlijk het meten van een kracht betekenen.
    • Schermutselingen, belegeringen, korte krachtmetingen her en der in Lombardije culmineerden tenslotte in de slag bij Pavia. 
    • Ik vraag me af of ook de Anasazi hier sportieve wedstrijden hebben gehouden. En op welk moment treden zulke spontane krachtmetingen in de evolutie van de hominiden voor het eerst op? 
    • De krachtmetingen toonden aan dat de vliegende vis horizontaal zwevend meer dan vier meter vooruit komt voor elke meter die hij daalt. 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be