kindsheid

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kinds·heid
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kindsheid -
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

kindsheid v

  1. het verlies van mentale vermogens aan het eind van het leven waardoor ouderen even afhankelijk als kinderen worden
Vertalingen

Gangbaarheid

92 % van de Nederlanders;
93 % van de Vlamingen.