keuzevak

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • keu·ze·vak
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord keuzevak keuzevakken
verkleinwoord keuzevakje keuzevakjes

Zelfstandig naamwoord

keuzevak o [1]

  1. (onderwijs) vak dat niet verplicht is voor een bepaalde opleiding

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen