jeugdhonk

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

jeugdhonk
Uitspraak
Woordafbreking
  • jeugd·honk
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord jeugdhonk jeugdhonken
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

jeugdhonk o

  1. ontmoetingsplaats van en voor jongeren
    • Er komt een jeugdhonk in Sport- en Gemeenschapsruimte De Pol. Het honk komt in de ruimte waar eerst kinderopvang Polletje Puk gevestigd was. Die is onlangs verhuisd naar het Integraal Kind Centrum (IKC) in de voormalige basisschool. [1] 
    • Hoge prioriteit heeft nu de inrichting van een zogeheten Jimmy's, een ontmoetingsplek voor Needse jongeren. Waar die moet komen en hoe die er precies gaat uitzien is nog steeds onbekend. Van Haaren weet wel wat ze niet wil: ,,Geen container. En ook geen vast jeugdhonk zoals vroeger het Bastion. Daar gelden nog te veel regels en toezicht, en dat is precies wat jongeren niet willen." Een Jimmy's moet een plek zijn die de jeugd inspireert. waar ze afspreken met vrienden en plannen maken. [2] 
    • Jo is JO en dat is al sinds 1982 zo. De partij zit na een onderbreking - 'Ons jeugdhonk was een tijdje wat minder positief in het nieuws', zegt Van den Boogaard - sinds 1998 onafgebroken in de raad. De fractie bestaat nu nog uit twee leden. De hoop is dat JO na 21 maart met zijn drieën is. [3] 
Synoniemen
Verwante begrippen


Gangbaarheid

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Tubantia Jantien Bussink 30-06-18 Bentelo wil een jeugdhonk
  2. Tubantia Alice Plekkenpol 01-03-18 BOA's ondersteunen jeugdwerk in Neede
  3. Tubantia Laurens Kok 14-03-18 Jongeren bestormen de gemeenteraad