instigator

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • in·sti·ga·tor
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord instigator instigatoren
instigators
verkleinwoord instigatortje instigatortjes

Zelfstandig naamwoord

instigator m

  1. iemand die instigeert (aanzet geeft tot iets)
    instigator bij Woordenboek der Nederlandse taal (1500 tot ...)
Verwante begrippen