ijveren

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ij·ve·ren
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
ijveren
ijverde
geijverd
zwak -d volledig

Werkwoord

ijveren

  1. inergatief moeite doen om een doel na te streven
    • Er werd daarvoor door velen geijverd. 
Hyponiemen
Afgeleide begrippen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Verwijzingen