wedijveren

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wed·ij·ve·ren
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
wedijveren
wedijverde
gewedijverd
zwak -d volledig

Werkwoord

wedijveren

  1. inergatief een competitie aangaan
    • Er werd flink gewedijverd tussen die jongens. 
     'Toch meen ik gehoord te hebben dat ze ooit hebben gewedijverd om de gunsten van prins Henry.'De graaf bette elegant zijn rode lippen. 'Dat ze hebben geprobeerd zijn liefde voor prinses Elfilda te doen bekoelen.'[1]
     Het was te veel brandstof, vliegtuigbrandstof zou je kunnen zeggen, voor mijn fantasie, wedijverend met mijn vader, de ambassadeur en wedstrijdzwemmer.[2]
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

92 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Danielle Teller (vert. Marja Borg) “Er was eens iets anders” (2018), Ambo/Anthos uitgevers op Wikipedia, ISBN 9789026346477
  2. Jan Guillou (vert. Bart Kraamer) “Echte Amerikaanse jeans” (2017), Uitgeverij Prometheus, ISBN 9789044632767
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be