generalisering
Uiterlijk
- ge·ne·ra·li·se·ring
- Naamwoord van handeling van generaliseren met het achtervoegsel -ing
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | generalisering | generaliseringen |
| verkleinwoord | generaliserinkje | generaliserinkjes |
de generalisering v
- (wiskunde) een redenering waarbij men van één concreet geval tot een algemenere conclusie komt
- het hebben van een oordeel voordat genoeg feiten bekend zijn, een vooroordeel
- Het woord generalisering staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.