gebracht

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·bracht
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
brengen

gebracht

  1. voltooid deelwoord van brengen
stellend
onverbogen gebracht
verbogen gebrachte
partitief gebrachts

Bijvoeglijk naamwoord

gebracht

  1. dat iets of iemand ergens is bezorgd
    Ik ruim de door de bezorgdienst gebrachte goederen direct op in de kast.
Verwijzingen
  1. Woordenboek der Nederlandse taal