gaf vorm

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • gaf vorm
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
vormgeven

gaf (…) vorm

  1. enkelvoud verleden tijd van vormgeven
    • Ik gaf vorm. 
    • Jij gaf vorm. 
    • Hij, zij, het gaf vorm. 

Gangbaarheid