eindstreep

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • eind·streep
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord eindstreep eindstrepen
verkleinwoord eindstreepje eindstreepjes

Zelfstandig naamwoord

eindstreep v/m

  1. streep op de grond die het einde van een wedstrijdbaan aanduidt
    • Op het einde van de wedstrijd ging de Kneet als eerste over de eindstreep. 
     Het is buiten de kwelzucht van de parcoursbouwers gerekend. Hier lag de afgelopen drie keer de eindstreep, maar verderop hebben ze een onverhard pad laten aanleggen. Nog wat verder omhoog, heren![1]
  2. (figuurlijk) het einddoel
    • Na vele jaren hard studeren heeft hij de eindstreep gehaald. 
Synoniemen
Antoniemen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink Weblink bron Rob Gollin “De helling van de mooie meisjes knijpt de renner de keel dicht” (10 juli 2019), de Volkskrant