drog
Uiterlijk
- drog
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | drog | - |
| verkleinwoord | drogje | drogjes |
het drog o
- Het woord 'drog' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.
- drog
- Zelfstandig naamwoord: Verwant met het Noorse woord dra met de betekenis: iemand die zich langzaam van de plek beweegt.
| Naar frequentie | 1706 |
|---|
drog
- verleden tijd van dra
- "dro" en "drog" zijn gelijkwaardig. [1]
| enkelvoud | meervoud | |||
|---|---|---|---|---|
| onbepaald | bepaald | onbepaald | bepaald | |
| nominatief | drog | droget | drog | droga drogene |
| genitief | drogs | drogets | drogs | drogas drogenes |
drog, o
- een luie en onbekwame persoon
- ↑ Taalhervorming 2005
Rettskrivningsendringer fra 1. juli 2005
Punt 1.1.1 Enkeltord og enkeltformer (in het Noors)
- drog
drog
- verleden tijd actief van dra
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 4
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Niet in Woordenlijst Nederlandse Taal
- Woorden in het Noors
- Woorden in het Noors van lengte 4
- Woorden in het Noors met audioweergave
- Woorden in het Noors met IPA-weergave
- Werkwoordsvorm in het Noors
- Zelfstandig naamwoord in het Noors
- Woorden in het Zweeds
- Woorden in het Zweeds van lengte 4
- Werkwoordsvorm in het Zweeds